Inhoud
Toptraject is een ketensamenwerking tussen een groot aantal scholen van het voortgezet onderwijs, het ROC van Twente en hogeschool Saxion om de doorstroom van mbo-studenten naar het hbo succesvoller te maken. Binnen dit traject kunnen leerlingen vanaf de derde klas vmbo gemengde of theoretisch leerweg instromen. Vanaf dat moment krijgen zij begeleiding specifiek gericht op een succesvolle doorstroom naar het hbo. Een optimale voorbereiding is daarbij essentieel. Omdat binnen het Toptraject het belang van de leerling centraal staat, is het echter ook mogelijk voor leerlingen om later in te stromen.
De efficiëntie van het Toptraject hangt af van verschillende aspecten die belangrijk zijn voor studiesucces van leerlingen/studenten over de hele keten. Deze aspecten zijn onderzocht en gebundeld in een wetenschappelijke onderbouwing, beter bekend als de Bouwstenennotitie. Naar aanleiding hiervan zijn bouwstenen opgesteld die studiesucces door de hele keten moeten bevorderen. Deze notitie bestaat uit de volgende drie algemene bouwstenen:
1. Het ontwikkelen van studentgericht onderwijs waarbij niet de methode maar de student centraal staat. Binnen het Toptraject focust dit studentgericht onderwijs erop dat studenten door docenten worden uitgedaagd om steeds zelfstandiger te kunnen werken. Om op deze manier de overgang van het vmbo en mbo naar het hbo te versoepelen, aangezien op het hbo wordt verwacht dat studenten zelfstandig kunnen werken.
2. Het creëren van binding tussen studenten, docenten en onderwijsinstellingen. Voor studenten is het belangrijk dat zij binding hebben met hun studie en onderwijsinstelling, omdat blijkt dat dit de studieresultaten ten goede komt. Het Toptraject streeft ernaar om zowel op studentniveau, docentniveau en managementniveau binding te creëren. Daarom wordt er aandacht aan besteed om leerlingen en studenten al in een vroeg stadium kennis te laten maken met de hbo omgeving. Zo worden vmbo’ers bijvoorbeeld in contact gebracht met het hbo en krijgen mbo-studenten al lessen op hbo locaties die worden gegeven door hbo docenten. Maar ook worden hbo-studenten met een mbo achtergrond ingezet om mbo-studenten te begeleiden in hun studievaardigheden en zitten de CvB’s van de middelbare scholen, mbo instellingen en hbo instellingen geregeld met elkaar om tafel om de samenwerking te verbeteren. Op deze manieren wordt er getracht om alle factoren binnen het Toptraject met elkaar te verbinden en te laten samenwerken.
3. Het voorbereiden van leerlingen en studenten op het niveau en tempo van het hbo. Om te voorkomen dat de omschakeling van het mbo naar het hbo te groot is worden studenten op het vmbo en mbo al voorbereid op het hbo niveau en tempo. Het gebeurt namelijk vaak dat studenten die de overstap van het mbo naar het hbo hebben gemaakt nog niet voldoende zijn voorbereid op de intensievere studielast op het hbo. Als gevolg hiervan halen zij vaak de toetsen in de eerste periode niet waardoor zij direct achter de feiten aanlopen. Om deze studenten beter voor te bereiden worden hbo-studenten met een mbo achtergrond ingezet als skillscoach. Deze hbo-studenten begeleiden vmbo en mbo studenten om hun studievaardigheden te verbeteren en hen beter voor te bereiden op de manier van studeren op het hbo.

“Op het vmbo en mbo krijgen studenten op paragraafniveau uitgelegd wat ze moeten weten voor de toets, op het hbo ligt dit anders met boeken, colleges en werkgroepen. Dit niveau en tempo is vaak een te grote omschakeling waardoor de toetsen niet worden gehaald.”

Deze algemene bouwstenen worden aangevuld met vier onderwijsinhoudelijke bouwstenen waarop concreet wordt gefocust bij de ontwikkeling van studenten: loopbaanoriëntatie en -begeleiding, studievaardigheden, taalvaardigheden en rekenen & wiskunde. Voor elk van deze bouwstenen is met een team van docenten uitgeschreven wat een student aan het eind van het eerste jaar op het hbo moet kunnen en kennen. Samen vormen deze competenties het Toptrajectprofiel. Dit profiel heeft als doel de studenten voor te bereiden op waar zij aan het eind van hun propedeusejaar aan moeten voldoen. Om dit te bewerkstelligen zijn voor het eind van ieder jaar in vmbo en mbo doelstellingen geformuleerd zodat er een duidelijk doel is waartoe deelnemers zich elk jaar moeten ontwikkelen. Dit is uitgewerkt in het Leerplankader. Hierbij gaat het soms om extra curriculaire activiteiten waarbij soms ook de ouders worden betrokken.

Doelgroep
Het Toptraject is bedoeld voor vmbo-leerlingen en mbo-studenten die uiteindelijk naar het hbo willen. Hierbinnen wordt niet op een specifieke doelgroep gefocust, hoewel eerstegeneratiestudenten en studenten met een niet westerse afkomst het vaak moeilijk hebben op het hbo.
Er zijn in het vmbo drie toelatingseisen voor leerlingen die willen deelnemen aan het Toptraject. De eerste eis is dat potentiële deelnemers een motivatiebrief schrijven waarin zij hun motivatie toelichten. Omdat het Toptraject intensief kan zijn voor studenten, is deze motivatiebrief erg belangrijk. Hiermee laten de studenten zien dat zij er echt voor willen gaan. De tweede eis is dat zij gemiddeld minimaal een 6,5 staan op hun cijferlijst. Omdat het hbo uiteindelijk een niveau hoger is, is het belangrijk dat studenten het vmbo en mbo niveau goed aankunnen. De laatste eis is dat zowel de docent als de ouders/verzorgers het gevoel moeten hebben dat de leerling of student geschikt is voor het Toptraject en het hbo.

 “Binnen het Toptraject richten we ons op alle studenten die willen doorstromen. Daarbij hopen we met name de eerste generatiestudenten en de studenten met een niet westerse achtergrond te motiveren deel te nemen. Dit zijn de groepen die, gegeven de cijfers, een grotere kans tot uitval hebben. .”

Doel
Het doel van het Toptraject is om de kans van slagen te vergroten voor studenten die vanaf het mbo naar het hbo gaan. Uit cijfers blijkt dat deze groep (veel) minder presteert dan gemiddeld op het hbo. Het doel is dan ook niet om meer studenten de overstap van het mbo naar het hbo te laten maken, maar om ervoor te zorgen dat zij die deze stap maken daar beter op zijn voorbereid. Met als doel dat hierdoor meer hbo-studenten die van het mbo komen uiteindelijk hun diploma halen. De doelstellingen voor het algemene project is daarom driedelig:
1. De uitval van de doelgroep op het hbo verlagen
2. Het diplomarendement van de doelgroep op het hbo verhogen
3. Het aantal studenten uit de doelgroep die op het hbo van studie wisselt omlaag brengen

Om deze doelstellingen te behalen zijn er op meerdere niveaus doelen gesteld:
– Doelen die zich focussen op de hele keten van het vmbo, mbo en hbo.
– Doelen die zich focussen op de samenwerking tussen het vmbo en het mbo of tussen het mbo en het hbo.
– Doelen die zich focussen op samenwerkende scholen en mbo’s of samenwerkende mbo’s en hbo’s
– Doelen die zich focussen op afzonderlijke scholen, colleges en academies.

Wat betreft het aantal deelnemers aan Toptraject is het doel om van de 40% mbo niveau 4 studenten die statistisch gezien naar het HBO doorstromen 80% binnen het Toptraject te plaatsen.

In de Doelstellingennotitie vind je meer over de doelen van Toptraject.

“Het gaat niet om méér mensen naar het HBO, maar het gaat erom dat de mensen die willen ook de kans krijgen om hier succesvol in te zijn.“

Aanleiding
De aanleiding voor dit project is het feit dat studenten met een mbo achtergrond op het hbo statistisch gezien minder presteren dan studenten die van de havo of het vwo komen. Uit inspectierapporten over studiesucces blijkt dat het opleidingsniveau en het inkomensniveau van de ouders goede voorspellers zijn van studiesucces. Beide liggen in Twente lager dan het landelijk gemiddelde. Het resultaat hiervan is dat de studieresultaten van studenten die van het mbo naar het hbo zijn doorgestroomd statistisch gezien onder het gemiddelde liggen. Dit terwijl doorstromers van het mbo al minder scoren dan studenten die van de havo of het vwo komen. Dit is aanleiding geweest om het Toptraject  te starten. Zo zorgen we  ervoor dat ook de hbo studenten die afkomstig zijn van het mbo meer studiesucces zullen behalen. Dit alles met de gedachte dat iedereen gelijke kansen moet hebben om succesvol een studie af te ronden.

Eén van de redenen dat mbo studenten het minder goed doen op het hbo is dat er op het mbo primair voor de beroepspraktijk wordt opgeleid en niet voor een vervolgstudie op het hbo. Hierdoor krijgen mbo studenten niet de juiste voorbereiding op het hbo, waardoor de overstap te groot is.
Het initiatief om dit project op te starten is vanuit de vmbo scholen gekomen. Op deze vmbo scholen zagen zij vaak dat er grote druk van ouders was om leerlingen via de havo de overstap naar het hbo te laten maken. Veel leerlingen zijn echter niet geschikt voor deze route. Veel leerlingen op het vmbo zijn praktisch ingesteld en hebben geen zin om dag in dag uit ‘met hun neus in de boeken te zitten’. Toch worden deze leerlingen dan vaak gepusht om naar de havo te gaan, waar zij vervolgens uitvallen.Hierdoor hebben zij een negatieve connotatie over zichzelf, én komen ze vervolgens op het mbo terecht. Het Toptraject biedt daarom een alternatief voor deze havo route, een alternatief voor de praktisch ingestelde vmbo-er die kan en wil doorstromen naar het hbo.

Externe factoren
Toen het Toptraject vier jaar geleden werd opgezet was er vanuit de overheid nog geen speciale aandacht voor deze thematiek. Ondertussen is er vanuit het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap geld beschikbaar gesteld om regionale samenwerkingen zoals het Toptraject een boost te geven. Hiervoor is voor de periode 2018-2021 een bedrag van 32 miljoen euro beschikbaar gesteld.

Programma ontwerp en methoden
Toptraject is opgezet volgens een lineair ontwerp waarbij leerlingen instromen in de derde klas van het vmbo en van daaruit de begeleiding krijgen om uiteindelijk het hbo succesvol af te ronden. Hiervoor krijgen tijdens hun deelname aan het Toptraject extra curriculaire opdrachten zodat ze voldoen aan het vooraf opgestelde Toptraject profiel.
Om ook leerlingen en studenten de kans te bieden om aan Toptraject deel te nemen die pas na het derde jaar van het vmbo beseffen dat ze een hbo opleiding ambiëren, is het ook mogelijk om later in te stromen. Deze mogelijkheid komt vanuit de gedachte dat niet de methode centraal staat, maar de leerling.

Resultaten
Omdat Toptraject pas vier jaar geleden is gestart met leerlingen in vmbo 3, zijn er nog geen Toptraject studenten op het hbo. In het studiejaar 19/20 zullen de eerste Toptraject studenten op het hbo starten. Hierdoor zijn er nog geen uiteindelijke resultaten te vermelden. Daarnaast wordt benadrukt dat het een project voor de lange termijn is, en dat het daarom ook nog even zal duren voordat het volledig op poten staat. De verwachting is dat er pas over 10 jaar tastbare resultaten te zien zijn.

Tips vanuit het Toptraject
Voor het opzetten van een project om de doorstroom tussen het mbo en het hbo te verbeteren heeft Stephan van de Voort nog een paar tips. Allereerst is het belangrijk dat de studentgerichte aanpak centraal komt te staan. Omdat het uiteindelijk om de studenten gaat en elke student anders is, is het belangrijk dat er voor elke student wordt gekeken wat nodig is. Daarnaast is het belangrijk om studenten voor langere tijd te binden. Studenten hebben namelijk pas echt profijt van het project als ze gedurende langere tijd worden begeleid en opgeleid. Zorg daarom dat de doelgroep op een manier wordt aangesproken en benaderd die hen aanspreekt. Ook is het belangrijk dat de verschillende afdelingen met elkaar worden verbonden. Het vmbo, het mbo en het hbo moeten goed samenwerken om ervoor te zorgen dat de stapelroute van studenten soepel verloopt.
Verder is het belangrijk dat er niet wordt verwacht dat er direct resultaten zichtbaar zijn, maar dat het besef er is dat pas na lange tijd echte verandering komt. Belangrijk daarbij is om heldere doelen te formuleren en met wetenschappelijke onderbouwingen te werken. Hierdoor blijft ten alle tijden helder is waar naartoe gewerkt wordt. Als laatste is het belangrijk dat alle betrokken partijen gemotiveerd zijn het project tot een succes te brengen. Het Toptraject blijkt in de praktijk een lastige opgave en heeft de nodige tegenslagen gekend. We zijn er nog lang niet, maar we gaan er zeker weten komen.